WATERPLANTEN

 

Water maakt een tuin extra aantrekkelijk. Een vijver, moerasje, waterpartij of borrelsteen zijn levendige tuinelementen.
Sinds de oudheid maakte men reeds gebruik van water in de tuin. Water is immers het symbool van leven.
Bewegend water zorgt dan weer voor een extra dimensie. Een fontein, een borrelsteen, een waterval of een waterloopje brengen uw vijver tot leven. Heel praktisch is bovendien dat bewegend water zuurstof in uw vijver brengt, wat dan weer goed is voor de waterkwaliteit. Het geluid van water is in de zomer ook erg rustgevend.
Waterplanten is een verzamelnaam voor alle planten die het best in of dichtbij water gedijen. Ze zijn niet alleen mooi, maar ook biologisch waardevol. Waterplanten helpen het water helder te houden. De planten nemen om te groeien en te bloeien namelijk voedingsstoffen op uit het water. Geef uw vijverbeplanting daarom een goede start.
Waterplanten zijn het grootste deel van het jaar te koop, met uitzondering voor de wintermaanden.
Wij maken een indeling van de waterplanten al naargelang de benodigde waterdiepte. Sommige planten groeien met hun wortels in de waterbodem en andere drijven dan weer vrij op het wateroppervlak. De wortelende soorten worden best in speciale plantmanden met vijvergrond geplant, die dan voorzichtig in de vijver worden neergelaten. Eventuele explosieve groei wordt op die manier geremd. Vat de indeling echter niet te strikt op, want waterplanten kennen tal van overgangsvormen. In diep water leeft de krabbescheer (Stratiotes aloides) ondergedoken en wortelend in de bodem. In ondiep water drijven de planten. Vooral moeras- en oeverplanten passen zich goed aan de waterdiepte aan.
 
Planten:
Voor het planten hebben we nodig: waterplantmanden, vijvergrond, en eventueel jutte en grind. De basis van vijvergrond is klei waaraan een langzaam werkende meststof is toegevoegd. De voedingsstoffen komen over een periode van 5 à 6 maanden vrij. Bij het planten worden soms de manden bekleed met jutte om uitspoeling te voorkomen. Krantenpapier kan hier ook voor gebruikt worden. De grond kan je eventueel afdekken met een laagje grind en dit om dezelfde reden van uitspoeling. Soms zitten de planten al in kant en klare manden ingeplant, we kunnen deze gewoon in de vijver plaatsen. Wanneer we de grond van de plantmanden voor het plaatsen kletsnat maken, kunnen we de manden makkelijker op de bodem zetten met een minimum van uitspoeling.
Tip: Laat een jonge waterlelie niet direct in diep water zakken, maar wen de plant in enkele weken aan telkens iets dieper water. Het vraagt voor een jonge plant veel energie om de bladeren naar de wateroppervlakte te laten groeien.
Onderhoud:
Eens zal een onderhoudsbeurt voor de vijver nodig zijn. Vaak is dat na een jaar of zeven. Veel hangt echter af van de afmeting en de diepte van de vijver en van de hoeveelheid waterplanten, die er in groeit. Is door overmatige plantengroei bijna geen water meer te bekennen, dan is ingrijpen wenselijk. De waterplanten worden met mand en al omhoog gehaald en kan u eventueel scheuren. Voorkom dat elk jaar in de herfst veel blad in de vijver valt, dit kan door tijdig een net boven het water te spannen dat de bladeren opvangt. Om een gezonde vijver te houden mogen de bladeren van de waterplanten, waaronder waterlelies niet meer dan 2/3 van het vijveroppervlak beslaan. Als tijdelijke maatregel kan waterlelieblad worden weggeknipt. Augustus of september is de beste periode voor vijveronderhoud. De planten en het biologisch evenwicht kunnen zich nog voor de winter herstellen.
 
Indeling waterplanten:
zoals vermeld op de planten info/kaartjes/foto’s
 
Zone 1 oeverplant                       
Zone 2 moerasplant
Zone 3 waterplant
Zone 4 zuurstofplant
Zone 5 drijfplant
Zone 1 Oeverplanten:
Oeverplanten staan op het droge of in het water langs de kant. Eén en dezelfde plant kan dikwijls goed gedijen in het ondiepe water, als ergens op een droog plekje grond elders in de tuin.
Kruipende oeverplanten vormen een mooie geleidelijke en natuurlijke overgang van water naar land. Alleen kruipers die van nattigheid houden komen hier tot hun recht. Ze groeien op de oever of zoals sommige soorten in ondiep water. Ze laten zich goed combineren met hogere soorten op de oever zoals varens, siergrassen, etc.
Zone 2 Moerasplanten:
Moerasplanten houden letterlijk het midden tussen waterplanten en oeverplanten. De waterstand mag wat wisselen, als ze maar van tijd tot tijd natte voeten hebben. Ze gedijen prima in de ‘wetlands’, dit zijn gebieden die doorgaans drassig zijn, waar het waterniveau zo hoog is als het omringende land. Veel van de moerasplanten hebben prachtig gekleurde bloemen en zeer mooie bladvormen.
Zone 3 Waterplanten:
Dit zijn in aarde wortelende planten met drijvende bladeren en bloemen, ze worden steeds in plantmanden geplant. De bekendste soort is ongetwijfeld de waterlelie (Nymphea). De bloemen zijn schitterend en de mooie grote, bijna cirkelvormige bladeren bedekken het water en bieden vissen bescherming. Ze zorgen voor weldadige schaduw waardoor overdadige algengroei voorkomen wordt.
Tip: Kleine water en moerasplanten die in ondiep water groeien, zijn in een waterdichte schaal, kuip of bak een sieraad voor het terras of balkon. Kies klein blijvende soorten die niet woekeren.
Zone 4 Zuurstofplanten:
Dit zijn ondergedoken waterplanten. De zuurstofplanten zorgen bij goed daglicht voor zuurstofafgifte aan het water. Zij binden ook minerale zouten en verhinderen zo de groei van algen.
Zowel de zuurstof als de waterplanten nemen in het groeiseizoen vrij veel voedingsstoffen op uit het water. Ze dragen bij tot het biologisch evenwicht en een goede waterkwaliteit.
Zone 5 Drijfplanten:
Vrij ronddrijvende waterplanten zijn wel heel gemakkelijke vijverbewoners. De wortels hangen in het water en nemen daaruit voedingsstoffen op.  Ze zijn belangrijk voor het biologisch evenwicht en de waterkwaliteit. Vermeerderen ze zich te sterk, dan gebruikt u een schepnet om een deel te verwijderen. Doe dit best in de herfst voordat ze afsterven. Hoe minder planten in de vijver verteren, hoe minder bagger er ontstaat. De inheemse soorten maken winterknoppen waarmee ze overwinteren. De niet winterharde soorten overleven de winter buiten niet.

Waar moet u op letten bij het uitkiezen van uw waterplanten.

Belangrijk is rekening te houden met de plantdiepte en hoogte van uw waterplanten.
Op de planten info kaartjes/foto’s staat vermeld:
- bloeitijd
- bloemkleur
- plantdiepte! d.w.z. in welke zone u de waterplanten kan planten,
- bv. 0/-20 cm :van 0 is gelijk met, tot –20 cm onder het wateroppervlak
- hoogte: dit is de hoogte van de voet van de plant tot zijn uiterste hoogte
- bv. 60/80 cm :de plant wordt 60 tot 80 cm hoog
- standplaats: dit is de zone waarin de waterplant kan worden geplant
- bv zone 1 / 2 :kan in zone 1 of 2 geplant worden