De stroomsterkte langs de kusten maakt het vaak nodig om gewichten te gebruiken van 40 tot 60 gram en men heeft een dikkere onderlijn nodig om de viste kunnen takelen.
Men moet er echter wel rekening mee houden, dat men in zee niet dikker vist dan 30/100.
Spoelt men deze lijn op de molen, dan kan hieraan een z.g.n. voorloper geknoopt worden van ą 10 meter lengte en een dikte van 40/100.


Met deze lijn voldoen we aan de vistechnische eis van een zware lijn voor het werpen van het lood en een dunnere lijn voor het verder en gemakkelijk werpen.
Het karakter van de platvis en de rondvis, waarop we vissen, laat aktief vissen toe.
Men beweegt het aas, door langzaam aan de molen te draaien, over de bodem en probeert op zo'n manier de vis tot bijten te verleiden.


Het geeft een veel beter resultaat en het is heel wat spannender dan de saaie, "gooi maar in het water en wacht maar af" methode.
Bevestig nooit meer dan twee haken aan uw lijn; op een flinke afstand van elkaar (50 cm).


Aktief vissen met twee haken levert meer resultaat op dan passief vissen met een hele serie haken.
Plaatselijk kan in de Waddenzee erg veel bot en paling gevangen worden en het aas dat men hiervoor gebruikt is de wadpier, zachte krab, mossel, garnaal of een stukje vis.
Meestal gebruikt men wadpieren, die men zelf steken kan op de droog gevallen, maar ook de andere aassoorten voldoen uitstekend en vaak vangen ze zelfs beter.
Vanaf mei is er kans op paling en de meeste kans hierop heeft men in vrij ondiep water, waar de paling tussen de mosselen aast op garnalen.


Ook de bot moet men niet op te diep water zoeken.
Deze platvis is een liefhebber van kniediep water en een beetje slikkige bodem.
Van maart tot juni is er kans op geep.
Het is een vraatzuchtige vis, die goed te vangen is aan een staartje bliek, of aan een reepje vis, gesneden uit de witte kant van een platvis.
Vis met een dobber, afgesteld op een zinkdiepte van ongeveer een halve meter, op plaatsen waar u ze ziet springen.
Een oud visserstrucje is om een stok in het water te gooien.
Als er geep is, springt ze er gauw overheen.